Geschiedenis en transformatie

Van olie- en gasbedrijf naar wereldwijd marktleider wind op zee

Ørsted werd in 2006 opgericht als DONG Energy. Het bedrijf ontstond door een fusie van het Deense staatsolie- en gasbedrijf DONG en vijf andere Deense energiebedrijven: Elsam, Energi E2, Nesa, Københavns Energi en Frederiksberg Forsyning.

De portefeuille van DONG Energy omvatte de staatsolie- en gasactiviteiten van DONG (Dansk Olie og Naturgas, oftewel Deense Olie en Aardgas). Dit bedrijf was in 1973 opgericht door de Deense overheid. Het doel was om de afhankelijkheid van olie-import te verminderen door olie en gas uit de Noordzee te winnen.
De portefeuille omvatte ook ’s werelds eerste offshore windpark, Vindeby. Dat werd gebouwd in 1991. Dit baanbrekende project met 11 turbines was het resultaat van bredere Deense inspanningen om energieonafhankelijkheid te waarborgen. De intentie was om een nationale windenergiesector te ontwikkelen. Het is een sector die vandaag de dag nog steeds floreert.

Het einde van het fossiele tijdperk in zicht


​Toen DONG Energy werd opgericht, was het een van de meest kolenintensieve bedrijven van Europa, verantwoordelijk voor een derde van de CO₂-uitstoot in Denemarken. Maar verandering hing in de lucht. Instituten als de Europese Unie begonnen doelstellingen vast te stellen voor CO₂-reductie en hernieuwbare energie. De sector voor hernieuwbare energie groeide snel, en op onze eigen koolstofintensieve activiteiten kwam steeds meer maatschappelijke weerstand. Het was tijd om na te denken over hoe we mede de oplossing konden vormgeven.

In 2008 kwam 85% van onze warmte- en elektriciteitsproductie van fossiele brandstoffen en slechts 15% van hernieuwbare energie. We stelden ons als doel om deze verhouding binnen 40 jaar om te keren – iets wat uiteindelijk al binnen tien jaar haalbaar bleek. We stopten met nieuwe kolenprojecten, sloten een aantal bestaande installaties en begonnen een financieel levensvatbaar bedrijf in hernieuwbare energie op te bouwen.

Naarmate de technologie voor wind op zee zich ontwikkelde en projecten groter werden, zagen we het potentieel ervan: een vrijwel onuitputtelijke energiebron zonder directe CO₂-uitstoot en zonder dezelfde ruimtelijke beperkingen van wind op land. Het bleek realistisch te zijn om hiervan een rendabel bedrijf te maken.

Kosten verlagen en afscheid nemen van fossiele brandstoffen


In de beginperiode was wind op zee enorm duur door het gebrek aan infrastructuur en schaalvoordelen. In 2009 namen we een belangrijke stap door in één keer 500 windturbines van 3,6 MW bij Siemens te bestellen. Dit waren meer windturbines dan er op dat moment wereldwijd op zee in gebruik waren. Het aantal was ook voldoende om een strategische toeleveringsketen op te bouwen. Hierdoor konden nieuwe offshore windparken op een kostenefficiënte manier worden aangelegd.
Toen de inkomsten in 2012 onder druk kwamen te staan door dalende gasprijzen, besloten we om hernieuwbare energie uit te breiden en uiteindelijk onze fossiele brandstof- en nutsactiviteiten af te bouwen. We zetten er ook op in om de kosten van wind op zee verder te verlagen door schaalvergroting en innovatie. Dit deden we door grotere windparken aan te leggen met krachtigere turbines. Ook optimaliseerden we kosten in alle onderdelen: van componenten en bouw tot exploitatie en onderhoud.

In 2016 slaagden we er voor het eerst in om offshore wind concurrerend te maken met elektriciteitsproductie uit kolen- en gascentrales. Met andere woorden: de kosten per MWh van nieuw gebouwde offshore windenergie daalden onder die van nieuw gebouwde kolen- en gascentrales. Datzelfde jaar gingen we naar de beurs met een van de grootste beursintroducties (IPO’s) ter wereld. We hadden een duidelijke propositie: investeer in wind op zee en in de kansen die de groene energietransitie biedt.

Wetenschappelijk onderbouwde doelstellingen en een nieuwe naam


​In 2017 stelden we ons eerste scope 1–2-emissiedoel vast, gevalideerd door het Science Based Targets initiative. Dit omvat zowel directe als indirecte emissies uit onze energieproductie en bedrijfsvoering. We committeerden ons ook aan het uitfaseren van kolen. We sloten een aantal energiecentrales; de resterende centrales bouwden we om, zodat ze op duurzame biomassa konden draaien.

2017 was ook het jaar waarin we de verkoop van onze olie- en gasproductieactiviteiten afrondden. Dit markeerde het einde van een tijdperk voor wat ooit het Deense staatsoliebedrijf was. Tegelijkertijd lieten we de verwijzing naar olie en gas uit onze naam vallen. We kozen de nieuwe naam Ørsted en creëerden onze visie: naar een wereld die volledig draait op groene energie.



​In deze periode breidden we uit naar Noord-Amerika en Azië en een groeiend aantal Europese landen. Onze brede portefeuille van hernieuwbare energie omvatte wind op zee, wind op land, zonne-energie, energieopslag, bio-energie en andere opkomende technologieën.

In 2021 waren we het eerste energiebedrijf dat een wetenschappelijk onderbouwde net-zero doelstelling vaststelde voor de volledige waardeketen (scope 1–3). Ons doel is om dat in 2040 te bereiken.


Transformatie voltooid en strategie aangescherpt


Verschillende recente mijlpalen bewijzen dat we onze groene bedrijfstransformatie hebben voltooid. In 2024 sloten we onze laatste kolencentrale in Esbjerg, Denemarken. Vervolgens behaalden we in 2025 ons scope 1–2-doel: de uitstoot van onze energieopwekking en bedrijfsvoering hebben we met 98% verminderd sinds 2006. Ook realiseerden we een aandeel van 99% hernieuwbare energie in onze energieopwekking.

In 2025 zijn we ook begonnen met een heroriëntatie van ons bedrijf, waarmee we wereldwijd marktleider zijn in wind op zee. We kondigden aan dat we prioriteit geven aan offshore windprojecten in onze kernmarkten: het Verenigd Koninkrijk, Nederland, Duitsland, Polen en Denemarken. Daarnaast blijven we groeien en actief in Taiwan, Zuid-Korea en Australië. Ook blijven we in de Verenigde Staten, waar we een winstgevende wind- en zonne-energieportefeuille op land hebben. Tot slot blijven we onze Deense warmtekrachtcentrales optimaliseren.

In 2028 willen we de onbetwiste leider in wind op zee zijn, de meest aantrekkelijke werkgever voor talent in wind op zee en wereldwijd erkend worden als toonaangevend op het gebied van duurzaamheid.